| |
| historie |
| |
| Al van jongs af aan was Carlo niet alleen geïnteresseerd
in het spelen, maar ook in het opnemen van muziek. Aanvankelijk gebruikte
hij daarvoor een cassetterecorder en later een oude bandopnemer. Naarmate
de techniek evolueerde, schafte hij zich meer geavanceerde apparatuur
aan. Zo kwam er in 1977 een 4-sporen recorder in huis die in 1988 vervangen
werd door een 8-sporen. Bovendien werd het rek met randapparatuur langzaam
aan hoger en hoger. |
| |
| De passie voor het opnemen van muziek begon echter een
dure hobby te worden. Zeker toen Carlo in 1994 een professionele 16-sporen
tape recorder installeerde in de schuur naast het huis van zijn ouders
(zie foto hieronder). Om de investeringen gedeeltelijk te recupereren,
begon hij in 1996 naast zijn eigen muziek ook die van anderen op te nemen.
Dat bleek een goede zet te zijn, want algauw vonden heel wat groepen
en muzikanten van diverse pluimage (rock, pop, punk, metal, levenslied,
kleinkunst, klassiek, country, blues, jazz...) de weg naar zijn opnamestudio. |
| |
De 16-sporen tape recorder bewees goede diensten. Zelfs
toen er her en der met digitale opnametechnieken werd geëxperimenteerd,
bleef Carlo trouw aan "echte band". In het beginstadium liet
immers de kwaliteit van digitale opnames nog veel te wensen over. Pas
in 2003, toen er convertors op de markt kwamen die het analoge signaal
op een goede manier konden omzetten naar digitaal, schakelde ook Carlo
over op de nieuwste techniek. Vandaag de dag wordt praktisch alles digitaal
opgenomen. De mogelijkheden die daarmee gepaard gaan, zowel technisch
als muzikaal, zijn met analoge apparatuur niet meer te evenaren.
De 16-sporen tape recorder belandde echter niet bij het oud vuil. Voor
puristen die alles analoog willen zoals vroeger, haalt Carlo graag zijn
oude machine uit de kast. |
| |
| Begin 2005 deed zich de mogelijkheid voor om even buiten
het centrum van Kaulille een pand te kopen dat uitermate geschikt was
voor de inrichting van een opnamestudio. Bij de restauratie hield men
rekening met de bestemming van het gebouw, en dus kregen de muren drie
lagen geluidsisolatie. Zelfs het glas in de ramen werd speciaal uitgekozen
voor zijn isolerende eigenschap: het is van dezelfde soort waarmee de
omwonenden van de luchthaven van Zaventem vliegtuiglawaai buitenshuis
houden. Nadat de renovatiewerken achter de rug waren, kon Carlo zich
de trotse eigenaar noemen van een splinternieuwe opnamestudio
met een totale oppervlakte van 56 m2 (32
m2 opnameruimte en 24 m2 voor
de regie). |
| |
 |
|
|
|